Twee dode oehoes die ruim twee jaar geleden zijn gevonden in Limburgse steengroeven, hebben alarmerend hoge concentraties PCB's in het lichaam. Waar de vervuiling vandaan komt, is onduidelijk.
'Zulke concentraties heb ik nog nooit gemeten', vertelt dr. Nico van den Brink van Alterra. Samen met drs. Hugh Jansman onderzocht hij drie oehoes, twee uit Limburg en eentje uit Twente. 'Oehoes zijn toppredatoren. Die hebben vaak al een hogere concentratie PCB's doordat ze andere dieren eten, maar de hoge concentraties in de Limburgse dieren zijn niet alleen daardoor te verklaren.'
De oehoe, de grootste uilensoort die in Nederland voorkomt, is een bedreigde vogel. In 2004 waren er in Nederland slechts zes broedparen. Oehoes zijn zo'n zestig centimeter groot en hebben een spanwijdte van anderhalve meter. Ze jagen op alles wat er in de buurt van hun nest te vangen is: vogels, knaagdieren, kleine roofdieren, hagedissen, regenwormen en kevers.
De onderzoekers dringen nu aan op nader ecotoxicologisch onderzoek, want met dergelijke concentraties PCB's loopt het broedsucces van deze vogels, en mogelijk ook andere diersoorten, gevaar.
Dit bericht is geproduceerd door de redactie van Wb, het weekblad voor Wageningen UR. www.wb-online.nl.